Artikel van de Maand - juli 2004

 

Gelijk is ongelijk

 

In de zonnewijzerkunde wordt vaak gesproken over ongelijke en gelijke uren.
De ongelijke uren zijn dan de antieke uren, waarbij de lichte dag tussen zonsopkomst en zonsondergang wordt verdeeld in 12 uren. Op dezelfde dag zijn deze uren gelijk aan elkaar, maar door de seizoenen heen ongelijk van lengte. Een zomeruur is lang, een winteruur is kort, behalve op de evenaar.
Hieronder is een tekening van een antieke zonnewijzer in het Rijksmuseum in Leiden weergegeven.
Duidelijk is te zien dat de dag het hele jaar door in 12 delen is verdeeld.

En de zonnetijd-uren worden beschouwd als gelijke uren. De dag als etmaal wordt dan verdeeld in 24 uren die het hele jaar door van dezelfde lengte zijn.

Zo werd dit in de historie lang als waarheid aangenomen, totdat onze klokken iets anders aantoonden. Die geven inderdaad gelijke uren aan, dag in dag uit tikken die in hetzelfde ritme door.

Dank zij deze regelmatig lopende klokken werd ontdekt dat een etmaal niet altijd even lang is. Zo werd de tijdvereffening ontdekt en Christiaen Huygens was een van de eerste geleerden die hierover in 1665 een tabel publiceerde.

Als voorbeeld:
Rond Kerstmis duurt een etmaal 24 uur en 30 seconden volgens onze klokken en dus een zonnetijd-uur 1 uur en 1.25 seconden. En op andere dagen is een zonnetijd-uur soms iets korter dan een uur.

De gelijke zonnetijd-uren zijn dus eigenlijk ook ongelijke uren.

 

Fer de Vries